Het Philips museum, meer dan alleen een kneuterige bedrijfspresentatie

De tentoonstelling A celebration of 90 years of Philipsdesign neemt bezoekers mee langs Philipsproducten van de afgelopen negentig jaar. Met de  opkomst van de gloeilamp, nieuwe media als de radio en televisie en de tegenwoordige innovatie op technisch gebied in de medische wereld heeft Philips zeker zijn sporen achtergelaten, niet alleen in Nederland maar ook wereldwijd. Toch niet slecht voor een bedrijfje uit Eindhoven.

Als expat Eindhovenaar kom ik nog vaak met veel plezier in Eindhoven en ben ik al regelmatig voorbij het Philips museum gelopen. Maar ik was er nog nooit naar binnen geweest.  Ik dacht dat het museum grotendeels een reclametentoonstelling zou zijn over hoe geweldig Philips wel niet was. Sinds de sloop van het oude Philips museum (een klein pittoresk gebouwtje) sprak het mij totaal niet aan om deze grote kolos in te gaan waarmee het is vervangen. De tentoonstelling 90 years of Philipsdesign brengt daar echter verandering in en ik was zeer aangenaam verrast.


Knuffel in de CAT-scan

De tentoonstelling is gecombineerd met de vaste presentatie, het vult elkaar aan. Het vormt eerder een geheel dan twee aparte tentoonstellingen en dat beviel me wel. Eerst loop je door een gang met een tijdlijn van de oprichting van Philips tot het heden. Hierna kom je bij een introductiegang met een augmented realityapp en de oude fabrieksruimte die de eerste Philipsfabriek moet voorstellen waar Gerard Philips zijn gloeilamp had uitgevonden.  
De eerste verdieping gaat in op de ontwikkeling  van verlichting en de ontwikkeling van de radio en de televisie. Het is hartstikke leuk om de oude modellen televisies te zien. Vooral de kleuren-TVs met de houtenbehuizing herken ik nog van mijn grootouders. Het eerste deel van de tentoonstelling bevat veel lange teksten. Hoewel deze interessant zijn, ga je ze niet allemaal doorlezen. Op de tweede verdieping zijn stijlkamertjes gemaakt waarbij elke verbonden is aan een periode en de bijbehorende Philipsproducten. Het was net alsof ik terugstapte naar de jaren vijftig en zestig. Er werd gebruik gemaakt van oude meubels, oude reclame spotjes op de televisie, langspeelplaten van bekende artiesten als de Dire Straits en David Bowie.

In het museum was het verrassend druk. Het publiek bestond voornamelijk uit toeristen en groepen enthousiaste kinderen, waar de tentoonstelling goed op inspeelt met zijn interactieve presentatievormen. Een leuk voorbeeld hiervan is een mini CAT-scan met knuffels waar dan elk een filmpje aan gekoppeld is als de knuffel in het apparaat wordt geplaatst. Dit is een ontzettend leuke manier om de link te leggen naar de medische wereld, een onderdeel waar Philips een hele grote speler is hoewel veel mensen hier niet van op de hoogte zijn.

Het museum in zijn geheel is ontzettend leuk om te bezoeken, zelf spendeerde ik er meer dan twee uur.  Maar deze tentoonstelling is gefragmenteerd en in kleine stukjes verspreid over de vaste presentatie waardoor er niet altijd onderscheid is te maken van de vaste tentoonstelling. De interactieve onderdelen zullen het meest aanspreken bij de jongere doelgroep, oudere bezoekers zullen het museum waarderen voor de sfeerkamertjes, de nostalgische factor en de streekhistorie.

 


Media


0 reacties

Leave a comment