Bangkokian #5

Een mooi college is nog geen succes. Me drie keer in de rondte gepraat over het belang van een adequate missie, informeer ik zo es bij mijn mid-career museumprofessionals wat of de missie van hun eigen instellingen is. Enige con-sternatie. Na wat aandringen: “Neen, die hebben we niet. Wij zijn in dienst bij het ministerie, en ze hebben ons nooit een missie voor het museum meegegeven”. Niemand? Nou, de mevrouw van de zelfstandige museumwinkel ja, maar dat is het dan. Waar ze wel vrolijk van werden, elk college daarna, was dit voorbeeld van een mooie missie dat ik hen gaf: “We make life a little easier for our guests by being where they need us, whenever they need us”, van de gemakswinkelketen 7Eleven (“Hébben ze die bij jullie niet? Hoe doe je dan je kleine boodschappen?”). We hebben er nog vaak om gelachen.
Prehistoric Museum, Siriraj Hospital, Bangkok Door: Riemer Knoop

En ik heb mijn eigen Teylers Museum-in-wording hier ontdekt. In een spelonk van ‘s lands top academische ziekenhuis, van “mijn” eigen Mahidol universiteit, vonden we een archeologisch museum, Sood Sangvichien Prehistoric Museum and Library geheten. Een scene uit een wat slechtere film. Een enkele zaal met een bebrilde oude dame, diep achter haar beeldscherm. De deur bomvol stickers met wat wel en niet mag, in vijf talen (maar geen evident no pics-ikoon). Het interieur een open depot. Aan de wanden een 60 jaar oud fysisch-antropologisch verhaal van craniometrie en rassentypologie. Homo sapiens stamt nog gewoon van de Neanderthaler af. Uitvergrote wetenschappelijke artikelen van destijds. Foto's van vitrines elders (hè?). Dit alles rondom Hendrik Robert - ome Bob - van Heekerens toevalsvondst bij de Birmaspoorweg, waar ik eerder over rapporteerde. In de jaren zestig deed hij er nog systematische opgravingen. Ik liep er wat rond, mijn twee reisdames keuvelden met de bebrilde curatrix, ik nam wat fotootjes met mijn telefoon. En werd vervolgens werkelijk de tent uitgescholden. Dàt kon en mag toch niet - zomaar foto's maken. Ze zei deeply upset te zijn en kéék me de foto’s zo’n beetje van de telefoon. Begreep ik niet dat dit een laboratorium van serieuze wetenschap was? En dat ze geen slechte naam wilde krijgen door zomaar foto's in de roddelpers of zo van zichzelf terug te zien? Me realiserend met wat voor warrige, anti-wetenschappelijke onzin haar museum zich bezighield kon ik me daar wel wat bij voorstellen. Aan de andere kant, na enige consulatie met collega’s uit en thuis: wat maakt het uit? Teylers hangt ook vol met kwalijk gedateerde onzin, maar dat vinden we schattig. Voor de liefhebber, alles staat al op www.si.mahidol.ac.th/museums/en/m6.html.

Tien meter verderop bleek het museologisch weer dik voor mekaar, ofschoon ook hier met een twist. Het ziekenhuis ligt pal aan de rivier, op de plaats van een vroeger kop-station, opiumbuurt en een werf voor plat-bodems. Bij recente uitbreiding werd enige meters onder het maaiveld een 24 m lange, 105 jaar oude boot gevonden. Die is in zijn geheel geconserveerd (dat wilde de prinses) en in een enorm museum ter plekke uit-gestald waar wegens nog geen vermelding in Lonely Planet of Rough Guide geen hond komt (wel in mal Siamese-tweelingen-op-sterk-water-museum om de hoek). Goed gedaan, met licht, geen glas, teksten en bewegend beeld, en spiegels om van bovenaf in de romp te koekeloeren. Geen idee dat houten rompen met brons beslagen werden (geleerden vertellen me dat dat in zout water een voor schelpdieren uiterst onaangenaam micromilieu oplevert). Maar wat werkelijk aardig is: de centrale steunbeer onder de plecht is behangen met animistische offergaven, zijnde bloemen en veelkleurige zijden lappen, om de geest van de boot te eren. Dingen zijn bezield. En de geesten van een gestorven maar desondanks weer opgegraven ding moet je apaiseren. Het gemak en de gratie van zo’n vervlechting van drie werelden maken een gevoel van vanzelfsprekende continuïteit gaande. Jaloersmakend.


Mediabestanden


0 reacties

Plaats een reactie