Gaying the queer in the Museum

When I am with him, smoking or talking ahead, or whatever it may be, I see, beyond my own happiness and intimacy, occasional glimpses of the happiness of 1000s of others whose names I shall never hear, and know that there is a greet unrecorded history. (E.M. Foster, Selected Letters 1879-1920)

Vrijdag 20 maart was er in het theater op de bovenste verdieping van de OBA een buitengewoon aardige internationale conferentie met het onderwerp Queering the Collections 1 met een keur aan interessante sprekers over de noodzaak om musea en collecties met een roze bril te beschouwen.
Binnen de gay community is er sinds jaar en dag een regenboogcoalitie die onder de noemer GLBTIQ 2 gelijke rechten bevecht en issues van belang aansnijdt. Het was tijd om de inclusieve praktijk van musea en archieven eens tegen dit licht te houden.

De organisatie was in handen van Amsterdam Museum, IHLIA, COMCOL en de Reinwardt Academie . De opmaat was een reeks van eerder ontplooide activiteiten (o.a. een project met Aids-Quilts van het Amsterdam Museum en de studenten van de MDP met Leontine Meijer) en toekomstige zaken (zoals EuroPride dat in 2016 door Amsterdam zal worden gehost). Onder de gepassioneerde leiding van dagvoorzitter Riemer Knoop kwamen een reeks van boeiende sprekers met treffende voorbeelden voorbij, onder wie onze eigen oud-docent Leontine Meijer.
Overigens was het leuk om mee te maken dat een grote groep Reinwardtstudenten – herkenbaar aan kekke T-shirts met ons logo - de logistiek van inschrijving tot begeleiding en garderobe-beheer zo professioneel en volstrekt natuurlijk gastvrij onder hun hoede hadden.

Hieronder volgen een paar inhoudelijke impressies.

De emancipatorische benadering
Richard Parkinson (Oud-Conservator Egyptologie van het Brits Museum, tegenwoordig hoogleraar aan een der colleges van de Universiteit van Oxford) sprak vol geladen passie over zijn Little Gay Book 3 een kleine handzame bezoekersgids die in een tijdsdoorsnee van millennia een reeks collecties van het Brits Museum tegen het Queering licht houdt en allerlei vormen van expliciete of verstopte gay iconografie beschrijft. Hij vertelde over de man die telefonisch een exemplaar bestelde en in tranen uitbarstte met de confessie dat hij decennia geleden wegens ‘sodomie’ in Londen was opgepakt en gevangen was gezet, en pas bij zijn vrijlating vernam dat zijn geliefde door dit voorval zelfmoord had gepleegd. Parkinson waarschuwde in die lijn voor het relatief hoge aantal zelfmoorden onder jonge vaak nog zoekende LGBT-georiënteerden in vergelijking met hun ‘straight’ leeftijdgenoten.
Parkinson heeft ook een aantal Pink Trails in het museum mede mogelijk gemaakt. 4 Hij benadrukte de noodzaak om de bewijslast wetenschappelijk te houden. Alleen dan toon j aan , zo is zijn overtuiging, dat LBGT ècht van alle tijden is. Fact-finding daar gaat het om, geen wishful-thinking; een Klassiek-Egyptische afbeelding van twee mannen met ontblote torso’s werd vaak aangezien als een homostel, nauwgezet onderzoek wees uit dat het om tweelingbroers ging. Geen homo’s dus...
Omgekeerd, de prachtige zilveren Warren Cup - een Klassiek-Romeinse bokaal met homo-erotische voorstellingen - toont in de officiële ansichtkaart van de museumwinkel alleen de toekijkende jongeling (zie afbeelding 1) terwijl een kwartslag verder de afbeelding een stuk explicieter is... (afbeelding 2). Parkinson verwijt het museum hier lafheid.

De wetenschappelijke blik
Richard Sandell (Professor aan de School of Museum Studies, Leicester University) gaf een reeks voorbeelden van verstopte, ontdekte en soms weer verhulde of politiek onder druk gezette varianten van outing in museale presentaties. Sandell ziet drie strategieën.
. Emancipatorisch: Leg dit soort geschiedenissen bloot. Laat ze zien, ook al bleven de personen in kwestie zelf in de kast. Het helpt jonge (en oudere) generaties in hun emancipatie.
. Meervoudig narratieven die gelijkwaardigheid benadrukt: Hier past LBGT in het verhaal van inclusiviteit en gelijkwaardige representatie. LGBT krijgt dan geen status-aparte maar het is er gewoon. Zoals de zon er ook gewoon is. In een tekstbordje wordt dan bijvoorbeeld terloops opgemerkt dat “Keizer Hadrianus en zijn geliefde Antonius samen (....)”
. Queering play-fully and poetically: Hier zijn kunstenaarsinterventies nodig om het ‘gewone’ of ‘alledaagse’ rondom gender te deconstrueren en te bediscussiëren door het stellen van ongemakkelijk vragen. Dit kan op een speelse en poetische manier zoals de Queer Nights in het V&A. Daar ligt de nadruk van queering in de eerste plaats op de woordenboekenbetekenis en maakt het alledaagse - vreemd; het terloopse - grappig; en het voor de hand liggende - bijzonder... en omgekeerd natuurlijk. In een middagsessie toonde Sandell werk van de conceptueel kunstenaar-museoloog Matt Smith die in Birmimgham Museum and Art Gallery met inventieve interventies aan de slag mocht gaan met queering the collection. 5
Sandell benadrukt de noodzakelijkheid van continu activisme. Erfgoed is niet neutraal. Het verschuilt zich er vaak achter, maar het is nooit onpartijdig. Alle verhalen zijn gekleurd, maak die zichtbaar.

De participatieve insteek
Voorts was ook ‘onze’ eigen oud-docent Leontine Meijer aanwezig in haar hoedanigheid als Chair COMCOL en als adjunct-directeur van het Museum voor Europese Culturen uit Berlijn. Zij benadrukte de essentie om van uit je eigen authenticiteit te opereren en een continu-gevoeligheid voor dit soort kwesties van representatie te ontwikkelen.
Twee recente voorbeelden maakten duidelijk dat queering als beroepspraktijk je collecties enorm kunnen actualiseren en in die nieuwe hoedanigheid opnieuw relevantie kunnen geven aan oude collecties. Zo bleek de aankoop van de Aids Quilt uit Amsterdam de bestaande quilts in een actuele context te plaatsen en opnieuw een interessant profiel te geven. Ook de aankoop van een beeldje van Conchita Wurst (Eurosongfestival 14) als in het blauw gehulde Madonna op een halve maan, gaf een geheel nieuwe en frisse kijk op de talloze Madonnabeelden die het museum in bezit heeft.
Meijer bood voorts vier kernperspectieven.
. Wees je bewust van een enorme veelheid en verscheidenheid binnen een zogenaamde community. Er is niet zo iets als dé gay.
. Wees je bewust van de grondhouding van je eigen staf en de stakeholders die je hebt in zulke kwesties. Die kunnen tegen- en/of meewerken. Al is het eerste in ground-breaking projecten waarschijnlijker.
. Vraag je af of je wel de juiste spreekbuis bent, welke ander spelers zijn er al. Wie is er al mee bezig? Hoe verhoud je je dan tot die ander.
. En semantisch is het interessant te onderzoeken binnen denken over inclusie en representatie waar– als ze er zijn – de verschillen liggen tussen queer en gender.

Tot slot
In de middag waren er nog drie break-outsessies over Verzamelen en Queering, over Presenteren en Queering en over Identificeren en Queering. Later die dag kwamen er ook een reeks mooie persoonlijke verhalen voorbij en werd er plenair gediscussieerd over kwesties als:
Moeten we nieuwe collecties gaan aanleggen of de oude doorlichten? Mag je neutraal blijven of moet we in actie komen? Gaat het altijd om meergelaagde objecten die je divers kunt taggen en welk verhaal vertel je dan wanneer? Moet queering een apart verhaal zijn of juist een inclusief? Enfin, er komt nog een formeel verslag van de conferentie. Een ieder was het erover eens dat je in beweging moet komen. Begin maar met wat kleine stappen, zo luidde het advies.

En nu?
Dit is natuurlijk een mooi onderwerp binnen het vierde jaar om als breed afstudeertraject in te zetten, wie wil? Kom, het is maar een kleine stap...


Mediabestanden


0 reacties

Plaats een reactie