Erfgoed houdt ons met beide benen op de grond

Vaak krijg ik de vraag waarom kunst en erfgoed nou zo belangrijk zijn. Ik vond het altijd lastig om daar direct een antwoord op te geven, maar de Britse conservatieve denker, Theodore Dalrymple gaf me een verrassend inzicht.

Theodore Dalrymple (1949) is een Britse cultuurcriticus en heeft gewerkt als arts en psychiater in Britse achterstandswijken, gevangenissen en vele ontwikkelingslanden als Tanzania en Zimbabwe. Wie zijn essays heeft gelezen, weet dat hij een uiterst conservatieve denker is.
Aan de hand van zijn persoonlijke ervaringen ontleedt hij de westerse samenleving. In zijn boek Our culture, what's left of it uit 2005 breidt hij zijn conservatieve filosofie nog meer uit, maar doet hij dit met behulp van een grondige analyse van de kunsten. Op deze manier gaf dit boek mij een nieuw inzicht wat betreft de betekenis van kunst en erfgoed.

De belangrijkste opvattingen van Dalrymple's conservatieve denken in het kort:
Oorzaken van hedendaagse criminaliteit in westerse landen komen voort uit een agressieve jeugdcultuur, gebroken gezinnen en zelfdestructivisme waarbij sommige mensen niet weten hoe ze moeten leven. Maar armoede is niet de verklaring voor dergelijk gedrag. Als voorbeeld noemt Dalrymple dat je in Afrikaanse sloppenwijken in de meest armoedige omstandigheden waardigheid en beschaafdheid kunt treffen, terwijl die vaak ontbreken in een gemiddelde Engelse woonwijk. Ook is hij erg tegen de ideologie van de verzorgingsstaat. Volgens hem is dit de reden dat veel mensen met problemen tegenwoordig geen verantwoordelijkheidsgevoel meer kennen, omdat zij zo afhankelijk zijn van de verzorgingsstaat. Aan de toon waarop Dalrymple schrijft kun je merken dat hij geen voorstander is van veel moderniteit, maar juist nostalgisch terugkijkt naar de omgang tussen mensen decennia terug. Toch vind ik zijn betoog zeer interessant, omdat hij uitgebreid uitlegt waarom kunst en erfgoed juist zo belangrijk zijn in deze tijd.

Betekenis van erfgoed
Volgens Dalmrymple moeten we zuinig zijn op onze cultuur, want op het moment dat het helemaal weg is, rest er enkel leegte en wordt de wereld een puinhoop, zo denkt hij. Behoud van erfgoed is daarom cruciaal, evenals kunst en musea toegankelijk blijven houden voor een steeds breder publiek. Neem het voorbeeld van een zeventiende-eeuws Hollandse stilleven dat in het Rijksmuseum hangt. Prachtig en alledaags. Wanneer je naar zoiets simpels kijkt als een haring op een tinnen bord, indrukwekkend en vlekkeloos weergegeven door het vakmanschap van een kunstenaar, kijk je daarna nooit meer op dezelfde manier naar een haring. Met andere woorden: je neemt ze niet meer voor vanzelfsprekend aan. En dat is belangrijk voor een mens. Op het moment dat iets als vanzelfsprekend wordt aangenomen, leidt het ongetwijfeld tot verveling. Het begrip kunst en erfgoed zal ieder individu ongetwijfeld definiëren op zijn eigen manier. Er is dus geen juist of onjuist antwoord op de vraag wat kunst en erfgoed nou eigenlijk betekent. Je kunt kunst zien als vermaak voor de geest of als een van de vele didactische manieren om de mens iets bij te brengen.

Voor mij heeft het een hele andere betekenis. Nu denk ik, na Dr Dalrymple's essays gelezen te hebben, het antwoord op de vraag wat kunst en erfgoed nou eigenlijk betekent, voor mezelf eindelijk gevonden te hebben. Kunst en erfgoed dienen ervoor om onze steeds veranderende samenleving beter te leren begrijpen.

Wat is jouw mening? En wat betekent kunst en erfgoed voor jou?


Mediabestanden


0 reacties

Plaats een reactie